Een werknemer van een machinefabriek is onterecht op
staande voet ontslagen wegens alcoholgebruik. Dat blijkt uit een uitspraak die
het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden onlangs deed. Het Hof vindt dat de werkgever
in deze zaak onvoldoende rekening heeft gehouden met de achterliggende
problematiek van de werknemer, die een alcoholverslaving heeft. Voor werkgevers
is dit een waarschuwing dat zij voorzichtig moeten zijn om medewerkers op
staande voet te ontslaan, zeker wanneer er verslavingsproblemen spelen.
De medewerker is al langere tijd werkzaam bij de
machinefabriek. In 2023 en 2024 waren er meerdere incidenten vanwege
alcoholgebruik waarbij de man betrokken was. Zo rook hij op zijn werk naar
alcohol, waarna hij werd aangesproken door zijn leidinggevende. De werkgever
schakelde daarna onder meer de bedrijfsarts in en betaalde een
begeleidingstraject bij een psycholoog voor de man. Enkele maanden later was
hij een tijd afwezig vanwege privéproblemen. Na een re-integratieperiode kwam
hij in augustus 2024 opnieuw in beschonken toestand naar zijn werk. Enkele
weken later meldde hij zich opnieuw ziek, nadat hij in zijn vrije tijd op
straat was mishandeld. Toen hij kort daarna wederom met alcohol op aan het werk
wilde, werd hij op staande voet ontslagen.
Hoger beroepDe werknemer was het daar niet mee eens en stapte naar de
kantonrechter. Die vond dat het bedrijf de man terecht had ontslagen. Daarop
ging de man in
hoger
beroep bij het Gerechtshof. Dat oordeelde uiteindelijk dat de man onterecht
op staande voet is ontslagen.
De man werd enkele weken na zijn ontslag opgenomen voor
intensieve behandeling van zijn alcoholprobleem. Volgens het hof is er in deze
zaak dan ook sprake van een verslaving en daarmee van ziekte.
De machinefabriek had op de hoogte kunnen zijn van het feit
dat in deze zaak sprake was van meer dan incidenteel alcoholgebruik, meent de
rechter in deze zaak.
Het hof benadrukte dat de werkgever aanvankelijk zorgvuldig
heeft gehandeld – door de bedrijfsarts in te schakelen en hulp aan te bieden –
maar dat de werkgever later te snel heeft gekozen voor het zwaarste middel:
ontslag op staande voet. Alternatieven, zoals een tijdelijke schorsing of
hernieuwd medisch overleg, waren volgens het hof meer passende maatregelen
geweest.
Geen dringende reden
Omdat het ontslag voortkwam uit ziekte, was er ook geen
sprake van een dringende reden. Bovendien had het bedrijf recent al geprobeerd
om via een vaststellingsovereenkomst het dienstverband met de betreffende
medewerker te beëindigen. Daaruit blijkt dat de werkgever liefst zo snel
mogelijk van de medewerker af wilde. Het hof herstelt daarom de
arbeidsovereenkomst met terugwerkende kracht per 19 september 2024. De
werkgever moet vanaf die datum het loon, inclusief emolumenten, alsnog
uitbetalen.
Deze uitspraak is een duidelijke waarschuwing voor
werkgevers.
Indien zij worden geconfronteerd met een werknemer met alcoholproblemen, is een
enkele waarschuwing of verwijzing naar de bedrijfsarts onvoldoende. Wanneer er
sprake lijkt te zijn van een structureel probleem, heeft de werkgever een
verdergaande zorgplicht. Alleen als echt alle andere mogelijkheden zijn
uitgeput, kan ontslag op staande voet standhouden.
Meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met
RechtNet Advocaten via [email protected] of bel naar 073-6154311.