Hoge billijke vergoeding na onterecht ontslag

03 nov , 12:43 • Zakelijk
Rechtnet 2
Pexels
Een werkgever die een zieke werknemer onterecht op staande voet heeft ontslagen, kan ook bij een beperkt inkomensverlies worden veroordeeld tot een hoge billijke vergoeding. Het gerechtshof Den Haag kende een vergoeding van 50.000 euro bruto toe, terwijl het directe inkomensverlies van de werknemer ongeveer 4.550 euro bedroeg. Volgens het hof is in deze zaak bij het vaststellen van de billijke vergoeding nadrukkelijk rekening gehouden met de noodzaak om ernstig verwijtbaar gedrag van de werkgever in de toekomst te voorkomen.
De zaak draait om een werknemer van een reisorganisatie, die sinds juli 2024 een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd had. In december 2024 meldde de man zich ziek vanwege ernstige problemen met zijn gezichtsvermogen. Later bleek dat hij vrijwel zeker leed aan de spierziekte Myasthenia Gravis. Dit is een zeldzame chronische auto-immuunziekte waarbij de communicatie tussen de zenuwen en de spieren is verstoord.
De werkgever had echter twijfels over de beperkingen van de werknemer. Dit kwam mede omdat de man tijdens zijn arbeidsongeschiktheid intensief aan hardlopen deed, korte autoritten kon maken en uiteindelijk zelfs de marathon van Rotterdam uitliep.
Loonmaatregelen
Het bedrijf wilde de medewerker korten op zijn loon, schakelde een bedrijfsrecherchebureau in en ontsloeg de man op 15 april 2025 op staande voet. De medewerker stapte daarop naar de kantonrechter, omdat hij vond dat hij ten onrechte was ontslagen. De kantonrechter stelde hem in het gelijk en kende een billijke vergoeding van 50.000 euro toe. Verder heeft de medewerker ook recht op een transitievergoeding van ruim 1.800 euro en een gefixeerde schadevergoeding van 8.250 euro. De reisorganisatie ging in hoger beroep bij het gerechtshof, maar het hof bevestigde het oordeel van de kantonrechter dat een dringende reden voor ontslag op staande voet ontbrak. Het onterecht gegeven ontslag en de daaraan voorafgaande werkwijze van de reisorganisatie wijzen volgens het hof op ernstig verwijtbaar handelen van de werkgever.
Onvoldoende onderbouwde vermoedens
Het bedrijf heeft de man op basis van onvoldoende onderbouwde vermoedens onder druk gezet. Het inschakelen van bedrijfsrecherche was buitenproportioneel en maakte een ernstige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de werknemer. Daarom oordeelde de rechter dat de medewerker gecompenseerd moet worden voor het handelen van de werkgever. De arbeidsovereenkomst van de man zou zonder het ontslag op 30 juni 2025 zijn geëindigd en naar verwachting niet worden verlengd. Het inkomensverlies van de man over de resterende contractperiode bedroeg daardoor slechts ongeveer 4.550 euro bruto.
Toch acht het hof een vergoeding die uitsluitend het inkomensverlies compenseert onvoldoende. De reisorganisatie heeft bovendien nauwelijks inzicht getoond in de ernst van haar handelen. Verder zijn het herstel en de re-integratie van de werknemer hierdoor mogelijk vertraagd, met verlies van potentiële inkomsten na afloop van het contract. De omvang van die verdere schade laat zich moeilijk vaststellen, maar door alle omstandigheden acht het hof de toegekende billijke vergoeding van 50.000 euro bruto passend.
Deze uitspraak bevestigt dat een billijke vergoeding niet beperkt hoeft te blijven tot concreet berekend inkomensverlies. De ernst van het verwijtbare handelen, de gevolgen daarvan en de noodzaak om herhaling te voorkomen kunnen een aanzienlijk hogere vergoeding rechtvaardigen.
Meer weten over dit onderwerp? Neem dan contact op met RechtNet Advocaten via [email protected] of bel naar 073-6154311.
loading

Loading articles...

Loading